TNO onderzocht de fysieke fietsprestaties op hometrainers.
Hierbij werd gebruik gemaakt van ademregulatie met behulp van voorgeprogrammeerde adempatronen van de Respilex apparatuur.
Als resultaten werden significant hogere zuurstof opname en een significant lagere hartslag vastgesteld. Deze laten zich als volgt verklaren.

Dankzij het terugbrengen van de frequentie van de ademhaling binnen normale fysiologische grenzen, wordt het middenrif (diafragma) in het ademhalingsproces betrokken en gaat de borstademhaling in meer of mindere mate over op natuurlijke buikademhaling.

De diafragmaspier scheidt de borst van de buikholte. Bij inademing gaat het diafragma naar beneden, waardoor de druk in de buikholte toeneemt. De druk in de borstholte neemt echter af. Bij uitademing is het tegenovergestelde het geval: Het diafragma gaat omhoog, de druk in de borstholte neemt toe ten opzichte van de druk in de buikholte.

Wat is het gevolg voor de bloedsomloop? Bij toename van de druk in de buikholte neemt de druk in de onderste holle ader (vena cava inferior), die het bloed uit de buikorganen en de onderste ledematen verzamelt, toe. Er ontstaat een drukverschil met het gedeelte van de onderste holle ader die boven het middenrif ligt. Dit drukverschil bewerkstelligt dat het bloed gemakkelijk naar het deel van de ader boven het middenrif stroomt.
Hier, boven het middenrif, mondt de ader echter uit in de rechter voorkamer van het hart. Dus ook het hart krijgt door het drukverschil een groter aanbod van bloed.
Dit resulteert in een grotere output van het hart per hartslag. Een grotere cardiac output per slag heeft nu een verlaging van het aantal hartslagen per minuut tot gevolg. Dit fysiologisch gebeuren wordt des te duidelijker naar mate men in staat is een goede middenrifbeweging, buikademhaling uit te voeren.

Ook voor de afvoer van het bloed vanuit de hersenen is de buikademhaling van belang. Bij een borstademhaling heeft men kans de vena jugularis (afvoer van de hersenen) te belemmeren.
Waarnemingen van de bloedstromingen
Omdat deze hogere hartslag een slechte invloed heeft op de te verrichten prestatie, is het een vereiste dat de sporter meer grip krijgt op zijn mentale conditie.

Bij het TNO onderzoek werden de wisselingen in diameter van de onderste honderzoekolle ader bij in- en uitademing, de stagnatie van het bloed in de vena jugularis bij een snelle borstademhaling, overtuigend aangetoond. Ook de afvoer van het bloed uit de benen werd met het "diafragmafenomeen" aangetoond. Dit houdt in dat bij het inademen de druk in de buikholte toeneemt toe en het bloed in de vena femorarolis (dijbeen vene) stagneert en bij het uitademen de druk in de buikholte afneemt en het bloed de vena cava inferior instroomt.